zondag 23 februari 2014

Groene economie : de enige uitweg?

De kassa van Lux was op zaterdag 22 februari 2014 in Nijmegen tegen een uur 's middags nog niet open. Maar gelukkig wel boekhandel Roelants, die in hetzelfde pand zit als de kaartjes-balie. Ze hebben een prettige manier van boeken presenteren. Veel ligt plat op tafels, grofweg gesorteerd op genre of thema. Ergens achter in de winkel een plek waar veel boeken liggen die te maken hebben met onze veranderende samenleving. Veel bekende titels, maar gelukkig ook enkele onbekende. Boeken die al enige tijd uit zijn, maar die je toch hebt gemist.

Jan van Arkel is een uitgever die weinig titels uitbrengt, maar ze hebben bijna altijd te maken met transitie, milieu, economie e.d. In juli 2013 brachten ze voor de Partij voor de Dieren Méér uit. Een boek waarin vijftien personen ingaan op de vraag of onze maatschappij kan blijven groeien, of geluk daarvan afhangt en of er geen alternatief mogelijk is. Veel redelijk onbekende namen en enkele usual suspects, zoals Arjan Klamer en Jan Rotmans. Fractievoorzitter Marianne Timmer van de Partij voor de Dieren neemt twee artikelen voor haar rekening (Je geld of je leven? en Een nieuw perspectief).

Aan de vooravond van de lezing van Jan Rotmans in theater Markant in Uden tóch maar het boekje aangeschaft. In zijn hoofdstuk (Groene economie : de enige uitweg uit de crisis) (zonder vraagteken) zet hij kort en krachtig zijn visie neer. Hieronder uit dit boek enige citaten

De huidige crisis is een systeemcrisis. De financiële en economische crisis die nu al vijf jaar duurt, is slechts het topje van de ijsberg. Het is een voorbode van komende crises: een ecologische crisis, een klimaatcrisis en een grondstoffencrisis. Deze crises zijn diep geworteld in onze productie- en consumptiesystemen. Wij produceren en consumeren om onbeperkte groei te verwezenlijken door onze natuurlijke hulpbronnen in hoog tempo uit te putten. We lenen voortdurend van de aarde, maar betalen niet terug. Dat kan lang goed gaan, maar niet onbegrensd.

() Het wordt steeds duidelijker dat we in een kantelperiode leven: een tijdperk waarin we reeds een aantal ecologische grenzen hebben overschreden, waardoor ecologische systemen instabiel worden en hun weerslag zullen hebben op ons economisch systeem. Vanuit een transitieperspectied is een crisis een opluchting: een kans om het systeem op te schudden en te transformeren. Een crisis is een teken dat systeem en omgeving uit elkaar zijn gegroeid. Een systeemcrisis is een relatief korte periode van instabiliteit en chaos. In die periode reorganiseert het systeem zich en schept het een nieuwe structuur.

() De huidige systeemcrisis is ook een waardencrisis. De oude waarden hebben de crisis veroorzaakt. Oude waarden als exploitatie, maximalisatie, ongeremde groei, economisch rendement, kortetermijnwinst, kwantiteit, welvaart en zelfredzaamheid hebben decennia lang ons denken en handelen bepaald. Zonder nieuwe waarden, vanuit een nieuw waardenparadigma, komen we niet uit de crisis en vallen we steeds terug. De nieuwe waarden omvatten naast economische waarden ook sociale en ecologische waarden.

() Uiteindelijk gaat het om een nieuw ordeningsmodel van markt, overheid en maatschappij. Elk van deze entiteiten heeft zijn eigen afrekeningsmechanisme. De markt is gericht op de korte termijn, groei, winst en efficiency. De overheid richt zich op de iets langere termijn en streeft naar stabiliteit en incrementele veranderingen. Het maatschappelijk middeneveld is gericht op belangenbehartiging vanuit duidelijke tegenstellingen. Een vernieuwde versie van het Rijnlandse model, gericht op verduurzaming van de economie vanuit een fundamentele herbezinning, zou uitkomst kunnen bieden.

() De kern van een nieuwe, groene economie is het schoon en veilig produceren en consumeren van goederen, materialen en energie. 'Schoon' betekent dat we geen gebruik maken van fossiele energie (olie, kolen, gas), maar alleen van schone energie, zoals zonne- en windenergie, aardwarmte en bepaalde soorten biobrandstoffen. Een groene economie is circulair, wat betekent dat afval de grondstof vormt voor nieuwe producten: elk onderdeel van elk product is opnieuw bruikbaar of biologisch afbreekbaar.

Vervolgens somt hij negen aandachts-/uitgangspunten op:
* minder eenzijdige fixatie op economische groei
* afschaffen van het bruto nationaal product (bnp)
* duurzaam rendement is belangrijker dan snel gewin
* minder eenzijdige focus op aandeelhouders, en meer aandacht voor andere belanghebbenden
* milieuschade en maatschappelijke schade worden zoveel mogelijk doorberekend in de prijzen van producten en diensten
* vervuilende bedrijven betalen mee aan de maatschappelijke kosten die hun vervuiling oplevert
* hervorming van het belastingsysteem (milieu belastende en energieverslindende productie en consumptie worden sterk belast)
* stimuleren van nieuwe vormen van solidariteit
* structureel investeren in kennis op het gebied van duurzaamheid

(zondag 23 februari 2014)
Hans van Duijnhoven

donderdag 13 februari 2014

Wat gaat kantelen? Wat gaan we oefenen?

Tamelijk onverwacht kon de bibliotheek samen met Udenaar de Toekomst hoogleraar transitiekunde Jan Rotmans op dinsdag 25 februari 2014 in theater Markant in Uden een spreekbeurt over onze 'kantelende' samenleving laten houden. Én  deze lezing neerzetten als het eerste kantelcollege in de regio Noord Oost Brabant. Een nadeel van deze eerste spreker is echter dat mensen die hem amper kennen waarschijnlijk denken dat Jan Rotmans een duurzaamheids-'goeroe' is. Die alleen daar mee bezig is: Nederland (en de rest van de wereld) duurzamer te maken. Zorgen dat we minder (en uiteindelijk) geen fossiele brandstoffen meer hoeven te verstoken, gebruiken. En dat we naar een samenleving gaan waar we (bijna) alle grondstoffen recyclen.

Maar iedereen die wat meer meer moeite wil doen (bijvoorbeeld 15 minuten kijken naar Tegenlicht Talks), weet dat Jan Rotmans (ook) op het standpunt staat dat er de komende jaren veel meer gaat kantelen.


Er gaat nog veel meer schuiven, kantelen, veranderen
Iedereen kan dagelijks de signalen oppikken.

Crises (meervoud) die maar niet voorbij willen gaan. Waarin we blijven hangen. Alhoewel regeringen in binnen- en buitenland alles op alles zetten om de (groei)motor weer aan de gang te krijgen. Zonder veel succes. Op de een of andere manier zijn burgers in veel landen slimmer als hun regeerders. Kijken de kat uit de boom. Houden hun hand op de knip. Sparen. Lossen af. Hopen dat ze de storm kunnen uitzitten. En sommigen zijn 'iets' anders begonnen. Kleinschalig. Zonder toestemming van een baas of een hoger geplaatst iemand. Begonnen omdat ze het belangrijk vinden. Niet langer op anderen willen wachten, die toch niets doen.

De centrale stelling van Jan Rotmans is dat we in een verandering van tijdperk zitten. Een model dat anderhalve eeuw prima heeft gewerkt, loopt op haar laatste benen. En er komt een nieuw bovendrijven. Langzaamaan. Niet van de ene op de andere dag. Niet tegen te houden. Het proces kan wel geremd worden. Door partijen uit het oude model die zich niet willen of kunnen aanpassen. Gesteund door lobbyisten, journalisten, politici, wetenschappers en anderen die op de een of andere manier belang hebben bij een status quo. We zitten midden in de mêlee. Dagelijks kun je er in de media signalen van opsnuiven. En een Openbare Bibliotheek heeft een mooie taak om mensen in haar werkgebied daarover te informeren. In de breedste zin van het woord. Door haar collectie en daaromheen uiteenlopende activiteiten te organiseren.


20e en 21e eeuws
De groep burgers die begint door te krijgen dat onze bazen, politici en andere beleidsmakers niet weten hoe het verder moet, wordt steeds groter. Weten dat zij met 20e eeuwse methoden de problemen in onze 21e eeuw te lijf gaan. Keren zich van hen af. Niet richting populistische partijen of oplossingen. Nee, zij niet. Zij gaan op zoek naar zinvolle alternatieven. Dat kan van alles zijn. Producten, diensten, samenwerkingsverbanden. En het aantal zal de komende jaren alleen maar toenemen. Ze hopen dat regeringen gaan inzien dat voor 21e eeuwse problemen andere oplossingen moeten worden bedacht. Er geëxperimenteerd moet worden met nieuwe methodes. Ze open (gaan) staan voor change. Niet langer wegvluchten in het benoemen van commissies die 'iets' bestuderen voor de onderste la. Nee, regeerders die begrijpen dat er in ons land overal mensen aan het oefenen zijn. En dat een gemeente, provincie of regering hand- en spandiensten kan leveren, faciliteren, obstakels opruimen, aanjagen, enthousiasmeren. Zover is het nog lang niet. Alhoewel er natuurlijk - en dat hoort ook bij het proces - positieve uitzonderingen zijn. Maar grosso modo hangen de meeste bazen en regeerders aan de handrem. En komen - wellicht verrassend voor velen - de grootste aanjagers uit het bedrijfsleven. Waar échte ondernemers al lang door hebben dat er héél erg veel geld te verdienen valt. Door bedrijven die hun nek uitsteken en als eersten bij deze golf weten aan te sluiten. Alweer jaren geleden bepleitte Mark Rutte als lijsttrekker voor een 'groen rechts' beleid. Maar dat idee heeft hij net als zijn duizend euro voor iedere Nederlander ook laten schieten. Sterker: in het begin van het parlementaire jaar 2013-2014 weigerde hij in de H.J. School-lezing een vergezicht, ideaal of stip de (Nederlandse) horizon te zetten.

Kantelthema's
Hieronder een niet volledige poging onderwerpen op te sommen waar waarschijnlijk 'iets' gaat kantelen. Waarover de komende jaren gepraat zal worden. Moet worden. Binnen en buiten een bepaalde branche of 'tak van sport'. Een debat dat velen aangaat. Waarvoor de bibliotheek sprekers gaat aanzoeken. Kantelcolleges.

Betaald werk
Alhoewel het officiële beleid van alle regeringen er steeds op is gericht om de werkloosheid flink omlaag te brengen, kun je regelmatig heel andere geluiden lezen, opsnuiven. We staan volgens die critici aan de vooravond van het wegvallen van héél erg veel (betaalde) banen. De 'schuldige' of aanjager is - zoals bij heel veel van de aangedragen 'thema's' - de zogenaamde Wet van Moore. Waardoor elke 18-24 maanden de snelheid van computerchips verdubbelt, terwijl de prijs ongeveer gelijk blijft. Deze trend heeft in (bijna) alle 'takken van menselijke sport' gevolgen. Grote gevolgen. Wetenschap en daarmee samenhangende/afgeleide technologie komen in een steeds sneller tempo met nieuwe ontdekkingen, 'dingen' en diensten. Die er wellicht toe leiden dat binnen dertig jaar de helft van de bestaande banen zal vervallen.
Geen probleem, zeggen andere critici, want dit proces van creatieve destructie hoort bij onze samenleving. En mensen die overtollig worden vinden op termijn een ander soort werk. Niemand kan de toekomst voorspellen, maar het is maar zeer de vraag of dat nu ook zal gebeuren.
We staan aan de vooravond van de massale komst van slimme, zelflerende systemen en 'robots'. Die, omdat ze zelflerend/zelfsturend zijn steeds meer menselijk werk kunnen (en waarschijnlijk zullen) overnemen. En er komt misschien een periode dat robots andere robots gaan maken. Dat is het principe van een zelflerend systeem.


Onbetaald werk
Als de hierboven beschreven trend doorzet dan zullen we als samenleving een zéér serieus debat moeten voeren over mensen die geen betaalde baan meer hebben. Hoe geven we ze een inkomen. Blijven we ze achtervolgen met een sollicitatieplicht? Gaan we werk grootschalig herverdelen? Van gemiddeld 36 naar 18 uur per week? Gaan we in onze 'vrije' tijd onbetaald werk verrichten? Dat zinvol is, maar nu blijft liggen? Wordt het begrip 'participatiemaatschappij' niet meer vanuit een money-driven oogmerk over ons uitgestort, maar meer gebracht als een soort moreel appél aan ons allen om in onze overvloedige vrije tijd 'iets' zinvols te doen voor de samenleving. Doet de regering in de toekomst vooral een beroep op onze kennis en passie?

Onderwijs
Een relatieve buitenstaander - want geen onderwijzer, pedagoog, hoogleraar, maar wel een betrokken burger - mengde zich twee jaar geleden in het al jaren durende debat over onderwijs én opvoeding. Deze Seth Godin bepleit in zijn Stop stealing dreams (what is school for?) dat we stoppen met een onderwijssysteem dat onze kinderen klaarstoomt voor banen uit de 20e eeuw. Hij weet dat de tijd dat je tijdens je schoolloopbaan een vak leerde, dat je vervolgens ongeveer veertig jaar kon uitoefenen waarna je tot je dood van een goed pensioen kon genieten uit, over en voorbij is. In de 21e eeuw overheerst onzekerheid. Een van de belangrijkste deugden is dat je over veerkracht beschikt. Om je aan telkens wijzigende omstandigheden aan te passen. Niet meteen bij de pakken neer te gaan zitten als het tegen zit. In staat bij- en om te schakelen. Seth Godin wil dat een kind gedurende zijn schoolloopbaan leert ontdekken waarin hij of zij goed is, wat bij iemand past en met 'dat talent' de rest van  het leven 'iets' zinvols gaat doen. Dan hoef je mensen ook niet zo'n heel erg hoog salaris meer te betalen, want zo'n persoon doet wat bij hem of haar past. Is lekker bezig.

Gezondheid en (veel?) langer leven
Alle signalen wijzen er op dat de gemiddelde leeftijd van mensen overal op de wereld jaar na jaar (voorlopig) zal blijven toenemen. We groeien door naar 9 à 10 miljard mensen. Alhoewel aan de ene kant het gemiddeld aantal kinderen dat een vrouw ter wereld brengt daalt, zal aan de andere kant door de trend dat we met ons allen gemiddeld steeds ouder worden de wereldbevolking toch blijven groeien.
Vooral in onze contreien ontstaat een heel ander soort samenleving. Jonge mensen worden daarin een minderheid. En het percentage 65-plussers (een typisch 20e eeuwse term!) blijft de komende decennia groeien. En wellicht is de 'hoop' dat die bubbel in 2040-2050 voorbij zal zijn wellicht fout. De belangrijkste reden is dat onze (medische) wetenschap steeds meer aandoeningen en slijtages kan verhelpen. Althans er voor zorgen dat we allemaal gemiddeld ouder zullen worden. In april 2013 kwamen enkele onderzoekers in de publiciteit toen ze beweerden dat 'de strijd' tegen kanker de eindfase ingaat. Kanker wordt kort door de bocht geformuleerd een chronische ziekte waarmee je (weer gemiddeld genomen) oud kunt worden. Verder zullen wetenschappers de komende jaren in staat zijn slecht functionerende 'delen' van ons lichaam te vervangen.
Enkele jaren geleden is in Nederland besloten dat we langer moeten doorwerken. An sich is dit besluit begrijpelijk, maar aan de andere kant is het maar zeer de vraag of er wel voldoende werk is voor die steeds groter wordende groep.

Vervoer
De grote verandering is niet dat we overschakelen van auto's die op gas of benzine rijden naar een electrisch aangedreven model. Of wellicht enkele jaren later op waterstof. Waarschijnlijk is het échte katelpunt dat we over enkele jaren gebruik zullen gaan maken van zelfsturende voertuigen. Die je op afroep op het juiste moment op de afgesproken plaats komt ophalen. Indien deze trend doorzet dan zal dit leiden tot een dynamiek die heel veel in onze sameneving zal veranderen. Mensen hoeven thuis 'hun' auto niet meer te stallen (in garage of op een parkeerterrein). Dit soort voertuigen worden ergens in een wijk, buiten het zicht van de bewoners geparkeerd en rijden uit zichzelf naar iemand toe die hen nodig heeft. Wegen kunnen ingekrompen worden, want dit soort auto's kunnen veel efficiënter rijden en vergen minder asfalt. Het verschil tussen platteland en stad zal nog meer als nu vervagen. Als consument bezit je zelf geen voertuig meer, maar betaal je voor het gebruik. Verkeersboetes, tanken bij benzinestations, lekker scheuren op de harde weg, flaneren op de boulevard, je auto zelf wassen en nog veel meer zaken zullen verdwijnen.
Hoogstwaarschijnlijk zal een slimme ondernemer op een stuk land een circuit aanleggen waar je in een ouderwetse auto zelf mag rijden en scheuren.

Ongelijkheid
Enkele jaren geleden begonnen sommige auteurs schoorvoetend te schrijven over dit fenomeen. De laatste maanden is over dit onderwerp heel veel geschreven. En - inschatting - dit zal nog wel even aanhouden. Een belangrijk boek over de steeds groter wordende kloof tussen de (kleine) groep die erg veel inkomen én vermogen heeft versus de steeds groter wordende groep die het met veel minder moet doen (en hoe funest dat is voor een samenleving) verscheen in 2009.

Richard Wilkinson
 en Kate Pickett zijn Britse epidemiologen die onderzoek doen naar de staat van de gezondheid. In hun boek The spirit level : Why equality is better for everyone proberen ze te verklaren waarom sommige landen beter scoren als andere landen. Daartoe verzamelden ze van veel landen openbaar toegankelijke informatie over de meest uiteenlopende zaken die te maken hebben met het menselijk 'welbevinden'. Denk aan het aantal tienermoeders, zelfmoorden, misdadigers, ongeletterden, overgewicht, stress en burn out, gemiddelde leeftijdsverwachting voor mannen en vrouwen, kindersterfte, druggebruik, de status van vrouwen in een samenleving, ontwikkelingshulp enzovoorts. Verder verzamelden ze van alle landen cijfers over de economie, zoals het gemiddelde inkomen, BNP, verdeling van de inkomens (over tien groepen, van arm naar rijk). En voegden daar enquêtes aan toe waarin mensen bevraagd werden over hun welbevinden (vertrouwen in anderen, zich gelukkig voelen).

Onlangs publiceerde Oxfam Novib een rapport (Working for the few : political capture and economic inequality) over dit onderwerp. Een quote uit het persbericht werd door veel kranten en tijdschrijften opgepikt: op deze aarde lopen 85 mensen rond die evenveel geld hebben als de helft van de wereldbevolking. Verder beginnen steeds meer mensen zich te realiseren dat multinationals amper belasting betalen. Banken door ons allen met miljarden euro's zijn gered, maar dat de bonusfeestjes voor sommigen binnen die glanzende paleizen al die tijd vrolijk zijn doorgegaan. Tegelijkertijd  wordt op de welvaartsstaat drastisch bezuinigd en verdwijnen veel belangrijke voorzieningen of leven voort in sterk afgeslankte vorm.

Het is onmogelijk te voorspellen waartoe dit zal leiden, maar voor de hand ligt dat de groep die het meest onder vuur ligt op zeker moment dit beleid zal willen bijstellen, bijsturen.

Reclame
In oktober 2013 verscheen van econoom Henk van Tuinen Ons land kan menselijker : naar een economie die de samenleving verbetert. Een boek dat tot medio februari 2014 in alle Nederlandse kranten en tijdschriften is doodgezwegen. Raar! Het is een vlot geschreven pamflet (174 pagina's). Uitgegeven door een goede uitgever (De Bezige bij). Bevat een mooie analyse van de samenleving waarin we terecht zijn gekomen. En bevat enkele aanbevelingen - en dat is redelijk uniek, want de meeste schrijvers weten prima wat er fout is, maar komen zelden met oplossingen - waarover een debat zou moeten worden gevoerd.

Henk van Tuinen heeft een soort tegenhanger geschreven van een boek van twee Britten, een econoom en filosoof: vader en zoon Robert en Edward Skidelsky. Over hun boek Hoeveel is genoeg? wordt ook amper meer gepraat. Terwijl beide boeken schreeuwen om een maatschappelijk debat.
Kort en krachtig. We zijn sinds de val van 'de Muur' en het communistische systeem in 1989 in een samenleving terecht gekomen waarin het 'neoliberale' model overal de overhand heeft gekregen. Een samenleving waar op bijna alle terreinen van het leven de waarde van 'dingen' in geld wordt uitgedrukt. Een sterke nadruk ligt op meten = weten, protocollen, overal managers opduiken die vakmensen komen vertellen hoe ze hun werk (efficiënter, dus voor minder salaris) moeten doen enzovoorts. Los van het feit dat de werkelijkheid veel complexer is tonen de Skidelskys en Van Tuinen aan dat dit model niet het enige juiste model is. Sterker: ze bepleiten een debat om als samenleving een andere richting in te slaan.

Henk van Tuinen legt in zijn verhaal sterk de nadruk op de alom aanwezige reclame. En noemt nadrukkelijk ook alle pr- en marketingkracht die ons doorlopend bestookt met de meest uiteenlopende 'boodschappen' om dit of dat te doen, te kopen, ervaren enzovoorts.
In zijn ogen moet hierover een debat gevoerd worden want de aarde trekt het gevolg van dit consumeer-geweld niet langer. We worden doorlopend verleid om dit of dat product te kopen, dienst af te nemen. De Skidelskys hebben het over menselijke behoeften (die eindig zijn, want we kunnen niet meer eten als we nodig hebben) en verlangens. En die laatste - verlangens - worden door reclame, pr- en marketing-'producten' oneindig opgezweept. De aarde trekt het niet. Zeker niet als burgers in opkomende landen hetzelfde consumentengedrag gaan vertonen als wij hier in het Westen.


Van Tuinen weet dat het schier onmogelijk zal zijn om 'de reclame' aan banden te leggen. Dus bepleit hij een 'Ontplooiingsfonds' waarmee 'tegen-campagnes' kunnen worden betaald. Dat zijn boek tot nu toe is doodgezwegen in de pers geeft te denken. Voorlopig komt dit fonds er echt niet, maar dit laat onverlet dat zijn analyse wel hout snijdt. Op de een of andere manier zullen we iets moeten bedenken om te voorkomen dat bedrijven, instellingen en organisaties door kunnen gaan onze verlangens naar meer, anders, beter, groter te blijven 'opzwepen'.

Een goed leven
In alle tijden en samenlevingen is hierover door mensen nagedacht. Vroeger was het relatief eenvoudig. Je deed hier beneden op aarde je best, schikte je in je lot (in welk nest of omgeving je werd geboren) en na de dood wachtte een beter leven. Die tijd is voorbij. De meeste mensen willen in het hier en nu een goed leven leiden. Hierover werd de laatste jaren al opvallend veel geschreven, maar het ligt voor de hand om te denken dat dit onderwerp nog meer zal gaan leven.


Alleen zal de definitie van een goed leven gaan verschuiven. Over pakweg twintig jaar werkt een gemiddelde volwassene misschien nog maar vijftien uur per week, worden we gemiddeld 95 jaar oud, is de grens tussen werk en pensioen zeer diffuus geworden, hebben veel mensen in hun leven drie tot vier partners (met daaromheen een hele sliert andere mensen), liggen de gemiddelde inkomens van de meeste mensen dichter bij elkaar, leven we weliswaar nog steeds in een bepaalde regio maar die maakt wel deel uit van een groot Europa en zit er een 'wereldregering' aan te komen. Zijn alom robots en zelflerende systemen voor ons aan het werk.
In zo'n samenleving is wellicht de belangrijkste vraag wat we in onze 'vrije tijd' gaan doen. Zeven dagen in de week tv kijken, games spelen? Of 'iets' anders?

Singulariteit
In 2005 verscheen van de Amerikaanse onderzoeker en ondernemer Raymund Kurzweil het boek De singulariteit is nabij : het moment waarop de mensheid de grenzen van de biologie ontstijgt. Een revolutionair boek. Dat door veel wetenschappers en critici weggezet wordt als science fiction. Hij beschrijft een ontwikkeling die wellicht ooit realiteit zou kunnen worden: eeuwig leven. Als mens. Niet als een fictief persoon zoals madame Bovary of Donald Duck. Nee, Kurzweil meent te weten dat tegen 2045-2050 de mens in staat zal zijn een brein up te loaden naar een computer of 'de cloud'. Alle gedachten en informatie die in onze hersenen ligt opgeslagen over te zetten naar een systeem, dat wél eeuwig kan blijven bestaan.

Dat moment noemt hij de singulariteit. En daaraan zit nog een andere dimensie, die voor nog grotere veranderingen zal zorgen. Een geüpload brein kan in de tweede helft van de21e eeuw in zijn ogen dan gekoppeld worden aan een ander geüpload brein. En dan gaan die twee 'mensen' samen denken; of vier, acht, zestien, 32. Deze getallen vormen natuurlijk een zogenaamde exponentiële reeks. Een begrip dat in dit boek en zijn denken centraal staat. De wetenschap en daarvan afgeleide technologie zit door de eerder genoemde Wet van Moore op zo'n exponentiële koers. De tijd dat ontwikkelingen zich lineair voltrokken (groeien, maar heel geleidelijk) is voorbij. We zitten in de visie van Ray Kurzweil (en ene Kevin Kelly) in een andere fase. Waardoor veranderingen steeds sneller op ons af zullen komen. En onze kantelende samenleving nog meer onder druk zal komen te staan.

Een manier om dit te bezien: zelfs als een kwart waar wordt van hetgeen Kurzweil aandraagt, dan nog zullen de veranderingen immens zijn.


Nieuw Nederland
Onder deze kop presenteerde De Correspondent, het digitale 'nieuws'-platform, op donderdag 6 februari 2014 een nieuw project. Dat twaalf maanden gaat lopen. In die periode zal correspondent Jelle Brandt Corstius in twaalf provincies verslag doen van lokale 'oefenaars' of 'kantelaars'. In die twaalf maanden zal hij deze transitie-minded mensen, bedrijven, instellingen of organisaties 'aanvliegen' vanuit twaalf thema's. Die twaalf thema's zijn: Energie - Financiën - Liefde - Media - Onderwijs - Ouderen - Religie - Ruimte - Sociale cohesie - Voedsel - Water - Zorg. Enkele thema's zijn hierboven ook aangestipt.

De conclusie aan het eind van dit lange artikel moet zijn dat er de komende jaren weinig terreinen van ons menselijk doen en laten zijn waar niets gaat veranderen. Fasten your seatbelts.



En de politiek?

Leidt ze dit dit proces? Staan ze voorop? Komen ze met verrassende voorstellen? Buitelen de heren en dames over elkaar heen met nóg een idee, suggestie?
Of is eerder het tegendeel het geval? Initiëren ze niets? Blijven ze 'hangen' in het oude model? Opgesloten in hun polder?
Een belangrijk karakter van 'ons' kantelen en oefenen is dat het (vooral) van onderaf zal opkomen, ontstaan. En als die aanname klopt dan heeft 'de politiek' ook niet zo veel te zoeken in die frontlinie. Maar moet ze zich beperken tot faciliteren, voorwaarden scheppen, obstakels wegruimen. Alle kantelaars en oefenaars niet té vervelend voor de voeten lopen. Zich realiseren dat er in de komende jaren, decennia verschillende partijen een stapje opzij moeten doen. Partijen die nu nog (vaak) tegen de gevestigde belangen én politiek 'aanschurken'.
Of ons politiek systeem op de schop moet is maar zeer de vraag. Aan de andere kant is het ook niet verkeerd als ons politieke model kritisch onder de loep wordt genomen. Twee namen die zich nadrukkelijk in Nederland in het debat mengen zijn socioloog Willem Schinkel en de Belgische publicist David van Reybrouck (die een pleidooi houdt voor een systeem waarin voor sommige posities niet langer gestemd maar geloot wordt).


Optimisme, hoop en vertrouwen
Bijzonder is dat de meeste hier aangehaalde personen redelijk positief over de toekomst zijn. Er gaat veel veranderen, maar waarschijnlijk komen we er als mensheid beter uit. Dat is kort samengevat hun houding. In Nederland is de jonge historicus Rutger Bregman wellicht het symbool van deze houding. In zijn boek De geschiedenis van de vooruitgang en in zijn artikelen op De Correspondent beschrijft hij alle veranderingen die op ons afkomen. En poneert als Correspondent Vooruitgang regelmatig onderwerpen die schreeuwen om een maatschappelijk debat. Dat dit tot nu toe amper van de grond komt ligt niet aan hem, maar aan (te?) veel politici, journalisten en andere 'meningsvormers' die blijven hangen in de 20e eeuw. Toch is een voorzichtige slotconclusie dat dit debat over alle hier aangedragen thema's niet valt tegen te houden. En Rutger Bregman, noch vele anderen zullen niet nalaten om hun omgeving er van te blijven doordringen dat we hierover met elkaar in gesprek moeten komen. Zij bezitten genoeg veerkracht om door te blijven gaan. Zij willen Oefenen voor een andere tijd.

Tegenlicht zondag 23 maart 2013
Op zondag 23 februari 2014 is Rutger Bregman de hoofdgast in Tegenlicht: De terugkeer van de utopie.
Aan de hand van beeldfragmenten zal hij zijn verhaal vertellen.

Deze uitzending komt (bijna) tien jaar nadat een andere jongeman hetzelfde deed: op (schrikkelzondag) 29-2-2004 vertelde (de toen nog onbekende) filosoof Ad Verbrugge over Bevangen in vrijheid. Een analyse van de toenmalige tijdgeest. Bijzonder dat  tien jaar later Tegenlicht Rutger Bregman heeft benaderd om hetzelfde te doen. Wat speelt er nu, en wat gaat spelen.

(maandag 17 februari 2014)
Hans van Duijnhoven

maandag 27 januari 2014

Van hagenpreek naar Kantelcolleges

Een blog komt nooit zo maar tot stand. Wordt zelden in een opwelling begonnen. Alhoewel?

Een korte en lange versie
Dit blog is in een vloek en een zucht van de grond getild. Maar de aanloop was lang. Of kort. Het is maar net hoe je het verhaal brengt.
De korte versie is dat het door een gelukkige samenloop gelukt is om hoogleraar Jan Rotmans naar de regio Noord Oost Brabant te halen. Een lang gekoesterde wens. Die zomaar werd vervuld.


De lange versie is   ... lang
De lange versie is dat de bibliotheken in Noord Oost Brabant al jarenlang 'iets' doen met maatschappelijk relevante onderwerpen. Jaarthema's. Die door de jaren heen - vanaf november 2004 - als het ware meebewegen met de tijdgeest. Er een klein beetje op vooruitlopen. Althans dat willen en hopen we.

Bedoeld om mensen in onze regio in contact te brengen met interessante sprekers over 'zaken' die (gaan) spelen in onze o zo complexe maatschappij. Om mensen te verleiden kennis te nemen van standpunten van 'redelijk' slimme en interessante mensen. Die vervolgens over dit of dat onderwerp beter gefundeerd een standpunt kunnen innemen. Zoiets doen we al jaren. Die sprekers programmeerden we meestal op de derde zondag van de (winter)maanden in de Groene Engel in Oss. En Jan Rotmans wilde in juni 2013 op een verzoek om te komen spreken niet ingaan. Té druk. Had andere plannen.

Is that all there is?
Maar na tien jaar begon er toch iets te knagen. Is that all there is? Moeten we die formule niet aanpassen. Een andere plek? Tijdstip? Soort sprekers? En - ook dat - moeten we niet 'iets-je' meer die spreekbeurten inbedden in dorp, stad en regio? Samen met anderen organiseren? Zonder onze onafhankelijke positie te verliezen? De vraag stellen is 'em beantwoorden. Maar het zou de waarheid geweld aandoen als we hier beweren dat het zo is gelopen, gekomen: de kantelcolleges. Dít blog.

Hoe begon het?
De directeur van de Udense bibliotheek kwam onlangs (week 3 van januari 2014) met de vraag of ik wilde aanschuiven bij 'iemand' van de gemeente Uden. Die op de een of andere manier kennis had gekregen van het jaarthema Oefenen voor een andere tijd. Het jaarthema van de Noord Oost Brabantse Bibliotheken. Dat in september 2013 begon en normaliter loopt tot de zomer van 2014. Waarna er een ander thema zou komen. We hadden (toevallig, uitzonderlijk) in december 2013 al besloten om dat thema met een jaar te verlengen. Iedereen die wil zien, kan constateren dat dít hét thema van onze tijd is. For many years to come! Overal moeten we ons aanpassen aan sterk veranderende tijden. Dé crises (meervoud) gaan maar niet voorbij. Er zijn velen die buiten de boot vallen. Er is een gebrek aan hoop, vertrouwen en - vooral dat - perspectief. Onze minister-president weigert een vergezicht uit te spreken. Dus hebben we Oefenen voor een andere tijd verlengd tot de zomer van 2015. En proberen onder die noemer de komende 18 maanden de meest uiteenlopende aspecten daarvan naar voren te halen. Wederom om mensen te verleiden er kennis van te nemen; om er een (beter, gefundeerd) standpunt over te kunnen innemen.

Een ontmoeting in Uden
Bij 'die mevrouw van de gemeente' schoof ik vorige week aan. En wat had Mirande Heffels voor elkaar gekregen? Jan Rotmans overgehaald naar Uden af te reizen! Om als hoogleraar transitiekunde een spreekbeurt te komen geven over het belang van ... Tja, eigenlijk Oefenen voor een andere tijd. Hij bezigt natuurlijk andere woorden. Heeft nog nooit van dat 'oefenen' gehoord, maar zal ongetwijfeld begrijpen wat we er hier in Noord Oost Brabant mee bedoelen. Er is een nieuwe samenleving aan het ontstaan. Volstrekt anders. Een nieuw model komt bovendrijven. En - evident - dan zal ons oude model afsterven, langzaam plaats maken voor dat andere. Of - ook niet ondenkbaar - misschien gaat wel erg snel. Jan Rotmans weet ook niet hoe het precies zal uitpakken. In welk tempo. Waar 'het' begint. Hij weet alleen dat een tijdperk dat ergens in de 18e eeuw begon (denk aan stoommachines die mensen achter weefgetouwen overbodig maakten) momenteel (as we speak, sorry write) aan het overgaan is in een ander model. Alle verworven- én zekerheden uit de 20e eeuw zullen we achter ons moeten laten. Deze door wetenschap én technologie aangedreven trend is niet te stoppen. Op een aarde die tegen haar grenzen aanloopt. Die aarde zal het trouwens worst wezen. Die overleeft ons wel. Nietwaar Peter Westbroek?

Udenaar de toekomst
Jan Rotmans zou komen. Maar wanneer? Waar? Daarover wilde ze met de bibliotheek praten. Het samen organiseren. Het moge duidelijk zijn dat er meteen een klik was. Zij wist wie Jan Rotmans was. Waar hij voor staat. Hoe de samenleving zich aan het ontwikkelen is. Ook in Uden. Sterker. Ze is als projectleider betrokken bij een project dat ik niet kende: Udenaar de toekomst. Een lokaal initiatief. Waar Udense 'oefenaars' op hun manier bezig zijn 'iets' te doen wat te maken heeft met dat andere model. Vaag? Natuurlijk. Een kernpunt van dit alles is dat er geen blauwdruk klaarligt. Geschreven of gemaakt door beleidsambtenaren. Deskundigen. En dat iedereen die er 'iets' mee wil doen alleen maar die blauwdruk uit de kast hoeft te pakken (of beter - tegenwoordig - van het net plukken) en stap voor stap alles gaan uitvoeren, doen. Nee. Drie keer nee.

20e en 21e eeuw
Onze nieuwe samenleving staat haaks op de wereld van de 20e eeuw. Waar rangen en standen heersten. Luisteren naar je baas. Doe maar wat je wordt opgedragen. En, vooral niet meer. Gehoorzaam en er ligt een prachtige carrière voor je in het verschiet. Voorbij, écht over en uit.
In de 21e eeuw is de belangrijkste attitude (of deugd) dat je over veerkracht beschikt en er op vertrouwt dat 'het' wel goed zal komen. Dat je handelt vanuit je 'gevoel'. Veel mensen voelen op hun klompen aan dat ons huidig model tegen haar grenzen aanloopt. Dat het weinig zin heeft om 'de Roemenen', 'de bankiers', 'de politici' of 'Europa' de schuld te geven. Van wat? Tja, wat is hét probleem. Er is 'iets'  fout met onze samenleving. We lopen tegen grenzen op. En - vooral dat - veel 'eenvoudige' mensen hebben geen vertrouwen in 'de boven ons gestelden'.

Verlangen naar gezag ... en een verhaal
Socioloog Christien Brinkgreve geeft in haar boek Het verlangen naar gezag : over vrijheid, gelijkheid en verlies van houvast aan dat mensen snakken naar een soort herstel van gezag. Terugverlangen naar een tijd waarin 'alles' zo helder en duidelijk was. Pastoor (of dominee), directeur en andere gezagsdragers wisten wat goed voor ons was. We deden redelijk braaf wat zij wilden en het leven was 'goed'. Nu verlangen mensen terug naar mensen die ons vertellen hoe 'het' moet. Alleen is er een - klein - probleem. Ouderwets gezag heeft te maken met regels. En die gelden altijd voor anderen; onze buren, collega's. Niet voor onszelf. Wij zijn vrijgevochten wezens die het goed doen. Een levensgroot dilemma of paradox. Christien Brinkgreve bepleit dat er een nieuw, ander verhaal komt. Of verhalen. Waar we enthousiast over zijn. Een vergezicht. Een stip aan de horizon. Iets waar we voor willen - kunnen, mogen, moeten - gaan! De vraag is alleen van wie dat moet komen. God, de kerk? Politici zijn verdacht.

Overal oefenaars - maar vooral lokaal
Dus wat zien we. Overal in het Westen staan individuen op die lokaal, regionaal - in ieder geval in eigen, kleine kring - ergens voor gaan staan. Die 'iets' missen. Willen veranderen. Tot stand brengen. Oprichten. Niet omdat ze dat van een 'hogere' persoon of macht moeten. Integendeel: dan gaat het fout. Wordt het niets. Hoedt u voor de baas die wil dat u gaat veranderen. En omarm er een die u als het ware verleidt om vanuit uw eigen passie, vakmanschap, kennis een andere kant op te bewegen. Oefenen. En niet meteen klaar staat met sancties als het fout gaat. Een baas die weinig op heeft met procedures en targets, maar gaat voor 'de inhoud'. Benieuwd wat u teweeg gaat brengen. Die weet dat 'het' anders moet.

Burger van Stavast
Een clubje trendwatchers noemden dit soort burgers in hun (tweede) TrendRede 2012 Burgers van Stavast. Die handelen naar de titel van het erg dunne boekje van (die Franse, oude diplomaat) Stéphane Hessel: Doe er iets aan! Met uitroepteken. Neem een standpunt in. Niet zo maar. Nee, vanuit een zelfgemaakte analyse dat er 'iets' niet klopt, 'het' anders moet. Wacht niet langer op 'de overheid', je ouderwetse 'baas' of anderen. Nee, verzamel mensen uit je omgeving om je heen. Gelijkgestemde zielen. Vorm een stammetje. En doe iets constructiefs. Stop met klagen, zeuren, steunen.

Peter Sloterdijk
Deze bekende Duitse filosoof publiceerde in 2009 een moeilijk boek met een zeer  heldere titel. Die iedereen aanspreekt. Sterker, die titel is een oproep aan ons allen. Zeer direct. Du mußt dein Leben ändern. Vertaald als Je moet je leven veranderen. Zijn centrale verhaal is dat de mens sinds hij ongeveer tienduizend jaar geleden het jager-gedoe achter zich liet en zich permanenter op een plek ging vestigen (zeg maar ging 'boeren' en er daardoor ook andere beroepen ontstonden) altijd aan veranderende omstandigheden heeft aangepast. Moest aanpassen. We hebben in zijn  ogen altijd geoefend. Maar nu zijn we op een punt gekomen dat het nog belangrijker wordt. We lopen tegen de grenzen van de aarde aan en daar bovenop komt de almaar doordenderde trein van vooruitgang (wetenschap en technologie).

Het woord 'oefenen' hebben we natuurlijk 'geleend' voor het jaarthema Oefenen voor een andere tijd.

Een betere tijd, een nieuwe(re) tijd?
Die twee woorden zitten bewust niet in de zin. Want het is maar zeer de vraag of onze toekomst beter zal zijn als de huidige. En wat betekent 'beter'. Meer inkomen, meer bezit, meer geluk. Maar wat is geluk. Eén ding lijkt zeker: de komende jaren gaat bijna alles op de schop. In elke sector en in alle hoeken en gaten van het menselijk leven zullen grote veranderingen op ons af komen. En we zullen er mee moeten leren omgaan. Overal gaan we oefenen.

Andere kantelmomenten
Door de eeuwen heen zijn er altijd grote doorbraken en kantelmomenten geweest. Alleen zullen weinig mensen zich toen (toen het gebeurde) zich gerealiseerd hebben dat zo'n moment zich onder hun neuzen afspeelde. Denk aan Galilei (met zijn inzicht dat de aarde om de zon draait en niet andersom), Newton (die kon berekenen en wist waarom planeten rond de zon draaiden en wat zwaartekracht ongeveer is), Darwin (die zich realiseerde dat evolutie het allesoverheersende principe in het komen en gaan van soorten is), Einstein en Bohr (die als eersten begrepen hoe op heel kleine schaal elementaire deeltjes zich ongeveer - maar heel raar - gedragen). En daar tussen door liepen er altijd slimme jongens (meestal, weinig vrouwen) die van alles uitvonden. Machines, 'dingen', procedures die veel impact kregen en hadden op de manier waarop dingen in een maatschappij liepen, waren georganiseerd.
De uitvinding van de stoommachine en de notie dat je dat 'ding' kon inzetten om sneller te kunnen weven, of een mijn droogpompen stonden aan het begin van de eerste Industriële Revolutie. Die tot aan de dag van vandaag toe als het ware doorwerkt.

De Wet van Moore
Het inzicht van meneer (Gordon) Moore dat de rekenkracht van computerchips gemiddeld elke 18 tot 24 maanden verdubbeld (tegen dezelfde kosten) heeft geleid tot een zeer snelle ontwikkeling. Die niet alleen relevant is voor bouwers van pc's, iPads en andere digitale producten. Nee, de Wet van Moore werkt door in bijna alle wetenschapsgebieden. Waardoor onze kennis en hoeveelheid informatie explodeert. Exponentieel groeit.
Ene Ray Kurzweil staat op het standpunt dat deze aanhoudende Wet van Moore over twintig tot dertig jaar zal leiden tot de mogelijkheid om de inhoud van een menselijk brein (inclusief alle daarin opgeslagen informatie) up te loaden naar een computer. Waardoor zo'n brein feitelijk het eeuwig leven heeft en (nog belangrijker) gekoppeld kan worden aan een ander brein. Die samen kunnen gaan denken. Dat moment noemt hij de singulariteit. En dan zal de versnelling nog groter worden. Speculatief? Wie zal het zeggen. De trend dat nieuwe 'dingen' in een steeds sneller tempo op ons afkomen valt moeilijk te ontkennen of te missen.

Tegenstand, verzet
In elke tijd en samenleving is er verzet geweest tegen nieuwe ontwikkelingen. In de week dat duidelijk werd dat Jan Rotmans naar deze regio zou komen kwam in een ander gezelschap The School of Life aan bod. Dat is een Engelse instituut-"je"  dat opgezet is door de redelijk bekende filosoof Alain de Botton. In Londen organiseren ze in hun pand uiteenlopende bijeenkomsten om mensen over aspecten van 'het leven' te laten nadenken. Vaak plannen ze ook bijeenkomsten buiten hun uitvalbasis. Elke maand is er een Sunday Sermon voor niet gelovigen. Waar een voorganger (een Jan Rotmans of een andere wetenschapper, deskundige) op de kansel plaats neemt en de aanwezigen iets voorhoudt. Compleet met gezang en collectebus.

Dat beeld van de zondagse preek deed, doet denken aan de reeks lezingen op de zondagmiddag in de Groene Engel. Zonder gezang en collectebus. Alhoewel. Geïnteresseerden betalen een kaartje aan de kassa. of via internet. En toen kwam dus het oude woord hagenpreken bovendrijven. Dat waren bijeenkomsten in de 16e eeuw. In een tijd dat het katholieke geloof nog overheersend was; maar Luther was al opgestaan . In Nederland was de Beeldenstorm geweest. Maar protestanten werden nog onderdrukt. Dus kwamen die stiekem samen. Op onverwachte plekken. Met mensen die op de uitkijk stonden. Achter hagen. Ergo: hagenpreken. Die niet lang duurden, want na enige tijd namen protestanten op veel plaatsen in Holland en Utrecht de macht over en in handen. En verdwenen de hagenpreken.

Schuilkerken en de generaliteitslanden
Enkele eeuwen later waren de rollen - in het Zuiden - omgedraaid. Waren de Hollanders de baas in het Zuiden en mochten de katholieken niet openlijk hun geloof belijden. Dus kwamen er schuilkerken. En verviel het Zuiden en andere delen van Nederland tot generaliteitslanden. Dat ging ook voorbij.

Hagenpreken voor de 21e eeuw
Zo kwam dus de zin hagenpreken voor de 21e eeuw bovendrijven. Het beeld dat Jan Rotmans en anderen in hun 'verhaal' neerzetten is dat er in onze samenleving een model allesoverheersend aanwezig is. Een model dat iedereen begrijpt, waarbinnen we allen leven en het is erg moeilijk om een ander model te kunnen voorstellen. Het lijkt een beetje op vissen, die zich (hoogstwaarschijnlijk) niet voor kunnen stellen dat er leven buiten 'hun' water is. Dat model loopt in de visie van Jan Rotmans tegen haar grenzen aan. Op allerlei terreinen. Binnen dat model zijn velen bezig om 'de motor' weer op gang te brengen, maar waarschijnlijk is dat niet meer mogelijk. Tenzij we de grenzen (van de aarde) nog meer overschrijden. Maar dat is op termijn ook niet houdbaar. De vissen in de zee zijn op een gegeven moment op. Alle olie, gas en steenkool is verbruikt. Sommige grondstoffen: idem dito. Er zijn té veel mensen die té veel consumeren. En daar tussendoor komen in steeds sneller tempo technologische doorbraken die bijvoorbeeld  (betaald) werk schaars zullen maken of de mens zullen doen laten versmelten met robots.

De tijd van pastoors en dominees
Is bijna voorbij. De meeste mensen zitten niet meer op preken te wachten. Het woord hagenpreek dekt enerzijds de lading, maar is tóch niet de manier om lezingen à la Jan Rotmans te afficheren. Die kritische opmerkingen kwamen van collega's die dat - gelukkig - 'gewoon' durven te zeggen. Gelukkig kwam een andere collega, na een nachtje gebroed te hebben op die hagenpreken, met een alternatief. Kantelcolleges. Perfect. Dekt de lading. De komende jaren zullen de Noord Oost Brabantse Bibliotheken deskundige sprekers naar deze regio halen om zich over aspecten van ons 'oefenen' en 'kantelen' uit te spreken. Die spreekbeurten organiseren we bij voorkeur samen met anderen. Op verschillende plaatsen en tijdstippen.

Jan Rotmans op 25 februari
Zo is het gekomen. En verzorgt Jan Rotmans - of hij het nu leuk vindt of niet - het eerste Kantelcollege. In Theater Markant. En gaan we als bibliotheken in de gemeente Uden, Bernheze, Landerd, Oss en Veghel op zoek naar andere sprekers. Die we ergens in de regio neerzetten. Om zich uit te spreken over andere aspecten van onze kantelende samenleving. En we zoeken daarvoor actief partners binnen onze regio. Die samen met ons op 'hun' gebied een spreker willen uitnodigen die voor een breder publiek als die bepaalde sector of branche of segment interessant is.

Klik hier voor een (eerder geschreven) artikel (Het kantelcollege van Jan Rotmans)

(maandag 27 januari 2014)
Hans van Duijnhoven